Lijst B

 

TOT NUT VAN 'T ALGEMEEN

 

WALTER VAN DEN BROECK

 

Genre: psychologisch drama

Bezetting:4 h - 4 d

Creatie: Mechels Miniatuurtheater 28 maart 1980 (Turnhout)

Speelduur: avondvullend (vijf bedrijven)

Decor  :een traditionele woonkamer. Alledaags gemeubileerde   met een grote tuindeur, die uitzicht geeft op de tuin    waar (onzichtbaar voor de toeschouwers) de toren wordt opgebouwd.

 

KORTE INHOUD

 

Gepensioneerd wil Domien Bonneure eindelijk zijn droom verwezenlijken: in zijn tuin een ongewone toren bouwen. Dat hij zich daardoor in de marginaliteit werkt, spreekt vanzelf. Zijn vrouw Jeanne heeft niet de minste invloed op haar man. Ondanks de herhaalde pogingen van zoon Hubert en zijn vrouw Gerda, die beschaamd zijn voor de gekke “kuren" van vader. Vooral onder druk van het gemeentebestuur tracht ze vruchteloos Bonneure van zijn voornemen af te brengen. Wanneer de toren af is, wordt Domien plots den held : zelf afgetakeld door de keiharde strijd, wordt hij gevierd door gemeentebestuur, familie en zijn vrouw, die hem voordien verlaten had.

 

PERSONAGES:

 

Domien Bonneure: 65, corpulent maar kwiek. Een positieve dromer, maar tevens een man van de daad, zelfbewust en doelbewust, gaat hij voor niets of niemand uit de weg. Achter de ruwe bolster schuilt echter een warm hart. Dat komt vooral tot uiting in zijn relatie met zijn kleindochter.

 

Jeanne: zijn vrouw. 65 en reumatisch, een moedertype, zij probeert voor iedereen goed te doen, wat uiteraard een onmogelijke opgave is tot zij zich regelrecht tegen haar man keert en hem verlaat.

 

Hubert: zijn zoon, 40 en wat karakter betreft zowat het midden tussen zijn ouders. Ook hij neigt naar corpulentie, maar probeert de status van "burgerman" te verwerven. Daarvoor schrikt hij er niet voor terug zijn vader te "verraden".

 

Gerda: zijn schoondochter, 40, maar overdreven opgemaakt. Zij zou wel eens de venijnige motor achter de handelswijze van haar man kunnen zijn.

 

Alice: : zijn kleindochter. Tegen de 20, zwart haar en slordig kapsel. Met een lang kleed ziet zij er een beetje zigeunerachtig uit. Zij kan het uiteraard niet vinden met haar ouders, maar voelt zich zielsgenoot van haar grootvader.

 

Schepen Valgaeren en T.V. interviewster : zijn eigenlijk fragment personages die alleen in het laatste bedrijf aantreden en dan ook als karikaturen van een schepen en een interviewster zijn getekend.

 

Cameraman: is eigenlijk een figurant.

 

Persoonlijk oordeel:

 

 Walter Van den Broeck is er andermaal in geslaagd een boeiend aangrijpend drama van bij ons te schrijven. De uitstekende dialoog, die prima "bekt" is een bijkomend pluspunt. Een drama met de nodige komische rustpunten; dat daarbij zeker niet plaats- of tijdsgebonden is.

 

Verkrijgbaar bij: Heibel, p/a. E. De Winter, Vrijheidstraat 18 2300 Turnhout.

 

Walter Van den Broeck

Vrijheidstraat 18

2300 Turnhout

014/141.37.75

 

Biografie:

Walter van den Broeck, zoon van een Duitse moeder en een vader met een Vlaamse en Mexicaans - Filippijnse achtergrond, groeide op in de cité naast de koperfabriek in Olen, waar zijn vader werkte. Walter begon zijn loopbaan als leraar Nederlands en geschiedenis in het Vlaamse Rijksonderwijs. Later nam hij daar ontslag en werd hoofdredacteur van het gratis weekblad Turnhout Express. Hij richtte samen met Frans Depeuter en Robin Hannelore in 1965 het tijdschrift Heibel op, dat kritisch, humoristisch en polemisch gevestigde literaire waarden op de korrel nam.

Hij werd, na een aantal autobiografisch getinte romans, bekend met het geëngageerde toneelstuk Groenten uit Balen, dat geïnspireerd was door waargebeurde feiten en een staking en zijn gevolgen in deze stille Kempense gemeente. Zijn grote doorbraak kwam met de roman Brief aan Boudewijn uit 1980, waarbij hij fictief de toenmalige Belgische koning een rondleiding gaf door zijn eigen huis, leven en omgeving, en zo de koning een beeld schetste van Vlaanderen en meer bepaald van de Kempen van onderaf.

Het hoofdwerk van Van den Broeck is de vierdelige romancyclus Het beleg van Laken, waarvoor Brief aan Boudewijn de opmaat vormde. Deze romans bevatten twee zich spiegelende niveaus, enerzijds bestaan ze uit duidelijk autobiografisch gekleurde herinneringen aan de jeugd van de auteur en zijn ouders (vooral in Het gevallen baken, het derde deel), anderzijds speelt de verbeelding een belangrijke rol, de fictionele situatie waarin de koning de auteur gevangen heeft gezet in de kelders van zijn kasteel. De koning wil hem pas vrijlaten wanneer hij kan uitleggen waarom hij schrijver is geworden, waar hij pas in deel vier, Het leven na beklag, een bevredigend antwoord op kan formuleren. Uit het eerste deel van deze cyclus werd het succesvolle toneelstuk De Tuinman van de Koning gedestilleerd, in Vlaanderen welbekend door de meesterlijke vertolking door acteur Luc Philips.

Walter van den Broeck won de Staatsprijs voor Toneel in 1982, de Henriëtte Roland Holst -prijs en de Staatsprijs voor Proza in 1993.

 

Een selectie uit zijn toneelwerk

Mazelen (1972)

Groenten uit Balen (1972)

De rekening van het kind (1973)

Een andere Vermeer (1974)

Greenwich (1974)

Het wemelbed (1978)

Tot nut van't algemeen (1979)

Au bouillon Belge (1981)

Tien jaar later: 't Jaar 10! (1982)

De tuinman van de koning (1986, gedramatiseerd fragment uit Het beleg van Laken)

Het proces Xhenceval (1990)

Amanda (1994, gebaseerd op Amanda en de widowmaker)

De bloemen, de vogels, de gruwel (1995)

De Ronde van Vlaanderen (1999)

 

 H.M. Uit de reeks steekkaarten van VVT(S) – Vta juli 1980

Digitalisering en actualisatie door R.G - http://www.amateurtoneel.be/ 01-03-2009