ALLADIN EN DE WONDERLAMP
WILLEM LAROY
Bron: naar het gelijknamig
sprookje
Genre: sprookje
Bezetting: onbeperkt
Creatie: Tiens Miniatuur Theater
Tienen - 5 maart: 1982
Duur: avondvullend
Decor: zetstukken
KORTE
Aladdin, een jongetje, speelt
met zijn vriendjes op de markt. Bij het spel bezorgt hij de oude fruitverkoper
Ching een lichte hartaanval. Aladdin voelt zich erg schuldig. Er verschijnt een
vreemdeling, een soort tovenaar. Hij belooft Ching te redden, op voorwaarde dat
Aladdin in de tovertuin een lamp gaat halen.
Aladdin daalt af in de tuin. Hij
vindt de lamp maar kan niet terug naar de aarde. Met de hulp van de geest van
zijn ring slaagt Aladdin hier uiteindelijk toch in. De geest van de ring gaat
met Aladdin mee op pad. Hij voorspelt dat Aladdin ooit een keizerskroon zal
dragen, indien hij goed zorg draagt voor de toverlamp.
De keizer van China is oud en
ziek. Hij zal weldra sterven en heeft nog geen troonopvolger. Zijn dochter,
Lotus, is niet eens verloofd. De keizer, een dwingeland, wil haar verplichten
tot een huwelijk.
Drie huwelijkskandidaten komen
opdagen. Alle drie vallen ze nogal vlug in ongenade. Dan verschijnt Aladdin.
Hij maakt een diepe indruk, zowel op de keizer als op diens dochter. Om zijn
kansen te vergroten vraagt Aladdin aan de geest van de ring een prachtig
luchtkasteel. Aladdin trouwt met Lotus en wordt de nieuwe, wijze keizer.
PERSONAGES:
Ching: een oude fruitverkoper
Aladdin I: een jonge snaak van
12 jaar
Yukia: de moeder van Aladdin
Vreemdeling: een tovenaar uit
Afrika
Nagoshira: de geest van de
ring
Hitwantshang: de geest uit de
lamp
Kao-wang: de keizer van China
Aladdin II: Aladdin, 19 jaar
oud
Wei-ling: het kamermeisje van Lotus
Meisje:
Vrouwtje:
Yasunari: een vriendje van Aladdin.
Vader:
Meng: een mandarijn
Sheng: een mandarijn
Li-po-tai: een schijndichter
Lotus: een prinses
Kinderen:
Wachters:
PERSOONLIJK OORDEEL:
Een knappe toneelbewerking van
een gekend sprookje. Knappe dialogen op rijm. Ook een visueel spektakel.
Verkrijgbaar bij: J. JANSSENS
Biografie:
WILLEM LAROY
Geboren te Beernem op 5 juli
1933.
Leraar in de Nederlandse
dictie en voordrachtkunst aan:
- het 0.L.Vrouwcollege te Tienen,
- het St- Tarcisius-Instituut te Zoutleeuw,
- de Stedelijke Muziekacademie te Tienen.
Regisseur sinds 1954 met
ongeveer 135 regies.
Stichtervoorzitter van de
Vereniging voor Nederlandse Voordracht- en Toneel- speelkunst.
Stichtervoorzitter van het
Tiens Miniatuur Theater: 't Koelieske.
Bibliografie
Toneelwerken:
"De Gebroken Kruik",
vertaling van het werk van Heinrich von Kleist.
"Het dagboek van een
kamermeisje", toneelbewerking van het boek van Octave Mirbeau.
"De Slimme
Rosbaard", bewerking van “Reinaert de Vos”.
"Van den appelboom",
“herdichting".
“Nog meer”, herdichting van “Nu
nog".
"Aladdin en de
wonderlamp", toneelbewerking.
"De gelaarsde kat",
toneelbewerking.
"Repelsteeltje",
toneelbewerking.
"Leuke Mirandolina",
bewerking van "De Herbergierster" van Carlo Goldoni.
Uit
de reeks steekkaarten van VVT(S) - Vta oktober 1985
Digitalisering
en actualisatie door R.G 01-04-2009