DE
BUNKER
HERWIG
HENSEN
Genre: dramatische eenakter
Bezetting: 2 h - 1 d
Creatie: Wenen 1965
Speelduur: 90 min.
Decor simultaan
decor woonkamer – (schuil) kelder.
Korte
inhoud:
Matthias, een leraar Duits, heeft in zijn
kelder een privé schuilkelder laten bouwen, die hem moet beschermen tegen de
gevolgen van een atoomoorlog.
De internationale politieke toestand is
inderdaad somber. Een aantal mensen, waaronder zijn vriendin willen mede van
zijn bunker gebruik maken. Maar hij verzet zich halsstarrig en met haast bestiaal
instinct voor zelfbehoud.
Tot hij net voor de bom in slaat de plaats
zal ruimen voor twee poppen. Een jonge man en jonge vrouw als Adam en Eva.
Personages:
Matthias: ca.55 jaar, leraar Duits, en een
doorsnee intellectueel burgerman
Aannemer: ca 33 jaar, moet verscheidene
figuren uitbeelden. Werkman, buurman, politieagent, Luther, schooldirecteur,
zangleraar, jonge man.
Celia: ca 30 jaar, vriendin van Matthias, een
doorsnee vrouw. Speelt ook de rol van de jonge vrouw.
Persoonlijk
oordeel
Ondanks het feit dat dit korte stuk reeds enkele jaren oud is, heeft het (helaas) zijn
actualiteit behouden, al dienen er wel enkele termen "gemoderniseerd) te
worden (atoombom in neutronenbom bijvoorbeeld).
Als de soms wat stroeve dialoog wordt
omgebogen in een vlotte spreektaal kan met dit stuk een beklemmende
voorstelling gerealiseerd worden.
HERWIG HENSEN (met dank aan Louis Jacobs)
Herwig Hensen werd als Florent Constant Albert Mielants jr. geboren te Antwerpen op 22 januari 1917.Hij studeerde
aan het Koninklijk Atheneum te Antwerpen (Moderne Humaniora, wiskundige
afdeling) en de Rijksuniversiteit te Gent (wiskunde). Hij was primus in al zijn
examens, van lagere school tot universiteit. Op een voorstel om assistent aan
de universiteit te worden, ging hij niet in uit vrees dat een wetenschappelijke
carrière zijn dichterschap in de weg zou staan. Hij werd docent in de wiskunde
en de dramaturgie. Hij huwde met Denise Pittoors, met
wie hij twee zonen kreeg.
Aanvankelijk stond de poëzie van Herwig Hensen onder invloed van het impressionisme en het
symbolisme van Karel Van de Woestijne.
Zijn later werk werd introvert. Het was een volhardend zoeken naar een
"Zin", misschien wel naar God. Zijn verzen geven afwisselend een
smart om de waanzin van deze wereld en een bejubelen van het wonder van het
leven weer.
Zijn toneelwerk is meestal gebaseerd op historische of klassieke
onderwerpen, zo o.a. "Lady Godiva" (1946).
Belangrijk van hem zijn ook het essay "Over de dichtkunst" (1947) en
de roman "De grootmoedige" (1982).
Herwig Hensen ontving tweemaal de Grote
Driejaarlijkse Staatsprijs voor Poëzie (1938-1940 en 1946-1948), alsmede de Driejaarlijkse ¨Prijs voor Toneel van de
Belgische Vereniging voor Auteursrechten (1942-1944).
Herwig Hensen overleed te Berchem
(Antwerpen) op 24 mei 1989.
Bibliografie: ( ) = jaar van creatie als het gezelschap vermeld. Anders
jaar van uitgave
Antonio (KNS Gent 1943)
Don Juan (1943)
Niets zonder de proef ( Gent 1974)
Lady Godiva (KNS Antwerpen 1947)
Koningin Christina ( KNS Antwerpen 1951)
Polukrates ( KNS Antwerpen 1946)
Hannibal (Gent 1951)
Agamemnoon (Studio Nationaal Toneel 1960)
Alkestis (1953)
Tarquinus (toneel, 1953)
De andere Jehanne (Gulden Palm Leuven 1959)
De aarden schaal (Melbourn Australië 1955)
Sodom en Gomorra (1955)
Kasteel te koop (KVS Brussel 1969)
De grenadier van zijne majesteit (KNS Antwerpen
1976)
Het woord Vrijheid ( KNS Antwerpen 1966)
De rebel Gods
Morgen kan het te laat zijn (toneel, 1963)
De bunker ( VRT 1966)
Nu sla op de trommel (1964)
De rattenvanger van Hameln (KNS Antwerpen
1972)
Halleluja, wij zijn gered (KVS Brussel 1973)
Freiher von Münchhausen
(KNS Antwerpen1978)
De voorspelling
Zeven broden en twee kruiken
T.B. Uit de reeks steekkaarten van VVT(S) – Vta
– oktober 1979
Digitalisering en actualisatie door R.G - 01-04-2009