DE JAMADAMA’S

 

PAUL COPPENS

 

Genre: tragische komedie

Bezetting: 4D

Creatie: Theater PLAYERWATER (02/1993) Kappelle op den Bos

Duur: avondvullend

Decor: 1 decor - gewone huiskamer in werkmanswoning

 

KORTE INHOUD:

 

Vier vrouwen komen bijeen om een nummer in te studeren voor de jaarlijkse souper van de vrouwenbond. Dit jaar brengen ze een "Lachlied", lachen op muziek.

Hun optreden kent zoveel bijval dat ze ook nog op vele andere feestjes gevraagd worden. Van het één komt het ander. Ze worden een heuse meidengroep, genaamd: "De Jamadama's. (is de samenstelling van de eerste twee letters van hun namen: JAklien, MAgriet, DAniella en Martine)

Jaklien, de leidster van de groep, ziet het groots. Ze wil kost wat kost doorbreken in de showbusiness. Ze wil immers afrekenen met haar verleden. Ze had toen geen zelfvertrouwen, en is daardoor haar Nederlandse verloofde kwijtgeraakt.

Voor Jaklien is deze meidengroep geen grap meer. Deze keer wil ze wel iets bereiken in haar leven. Zij spreekt eveneens een manager aan en zij investeert heel wat geld in de groep.

 

Maar algauw wordt haar droom een nachtmerrie. Haar huwelijk gaat eraan kapot. Ze raakt aan de drank. Ze trekt in het geheim naar Nederland om er haar oud lief op te zoeken in het hotel. Ze is al haar geld kwijt. De deurwaarder komt aankloppen. Uiteindelijk verdwijnt ze spoorloos en vindt men haar terug in het station tussen clochards.

Haar drie vriendinnen halen haar terug. Jaklien moet opgenomen worden in een instelling. Haar koffers staan klaar.

Net voor ze vertrekt brengen de Jamadama's nog één maal hun "Lachlied".

 

Personages:

 

Jaklien: dertiger

 

Magriet: dertiger

 

Daniella: twintiger

 

Martine: twintiger

 

Verkrijgbaar bij: ALMO

 

BIO & BIBLIOGRAFIE:

Paul Coppens
Mottantstraat 14
9308 Hofstade
Tel. 053/ 77 19 51
pacoscript@pi.be

Paul Coppens werd geboren te Aalst op 21.8.1952. Hij volgde school in het Sint-Maarteninstituut en de Rijkshogere Handelsschool, beiden te Aalst.

Hij begon te acteren bij het studentencabaret “Mercurius”, waarvoor hij ook sketches schreef. Daarna was hij medestichter van het cabaret “Comsada”. Hij regisseerde tevens een aantal ontspanning- en poëzieavonden. Hij werd ontdekt door een Aalsterse amateurtoneelvereniging. Zijn leermeesters waren Herman Larcher, Vic Moeremans en Ronny Waterschoot.

Tijdens zijn legerdienst, in 1972, schreef hij een eerste toneelstuk. Het werd nooit opgevoerd, zelfs niet uitgegeven, maar de basis was gelegd. Hij schreef een tweede stuk, “Eilandzon”, dat in 1975 in Aalst met succes werd gecreëerd, maar tot een officiële uitgave van dit werk kwam het nooit. Tot 1980 had hij het vrij druk als acteur bij diverse toneelverenigingen.

In 1981 trekt hij zich echter terug en begint opnieuw te schrijven, met als gevolg: een resem stukken van allerlei slag. Tussen 11.11.1983 en 24.3.1985, dus in een tijdspanne van amper anderhalf jaar, werden niet minder dan 7 stukken van hem gecreëerd. Zijn grote doorbraak in het beroepstheater kwam er met “SCHAFTTIJD”, dat door het Fakkeltheater in Antwerpen werd gecreëerd in 1985. Het kende een overweldigend succes. Het stuk stond er drie seizoenen lang op het programma. Ook de Brusselse KVS ontdekte hem. Zijn “HORA EST” ging er in 1986 in première. Het jaar nadien speelde men er “DE TUINMAN”, dat een onderscheiding kreeg van Sabam.

Hij schrijft nu ook regelmatig samen met Guy Didelez en het schrijverscollectief De Scriptomanen, waaruit de auteursvereniging Codi is ontstaan. Sinds een paar jaar heeft hij van het schrijven zijn beroep gemaakt. Op dit ogenblik heeft hij een 40-tal volavond -toneelstukken geschreven. Volgens Sabam- en Almo- gegevens is hij sinds 9 jaar de meest gespeelde toneelauteur in het amateurtheater in heel Vlaanderen.

Hij speelde zelf zijn monoloog “BERT” en trok er met enorm succes mee doorheen Vlaanderen. Voor dit stuk kreeg hij in 1994 de 8-septemberprijs van het Nationaal Comité voor Ontwikkelingssamenwerking en de 10-septemberprijs van het Aalsters Coördinatiecomité voor Welzijnswerking. Hij schreef ook voor TV. Zo was hij coscenarist van de VTM- reeks

“WAT NU WEER!?”, en het BRTN- feuilleton “HOTEL HOTEL”.

Als acteur was hij ondermeer op het scherm te zien in “Familie”, “Editie”, “Wittekerke”, “Samsonsoap”.

De doodskopvlinder:1984
Leen en Rik: schrijfblok
De scheve toren
Het schoolhoofd: 1997
Het schoolhoofd vandaag: Frans Cools & Gilbert De Bruycker: 1995
Schrijfmobiel: Frans Cools & E. Van Ranst: 1986-1987

Schrijfmobiel schrijfschrift: E. Van Ranst & Frans Cools: 1988

 

Zijn nieuwste werk vinden we bij Hilda Vleugels

 

De Jamadama’s: komedie

De zetel: tragedie

Rollen: komedie

Schaftijd: tragikomedie

Touwen boven de wind: komedie

Wolk van muggen: komedie

Zijn laatste werk voor zo ver mij bekent: Een creatie samen met Ronny Waterschoot “ De sprong”

 

Uit de reeks steekkaarten van VVTS december 1995 (Vereniging van Vlaamse Toneelauteurs)

 

Digitalisering en update 15- 11- 2008 - R.G. www.amateurtoneel.be